Wim Meijer en Margrieth van Lith schreven in het vorige nummer over de politieke positie van de PvdA. Ton Elias was tot voor kort Kamerlid voor de VVD en liep als ‘partijwatcher’ regelmatig de congressen en bijeenkomsten van de PvdA af. Meijer en Elias liepen recent elkaar tegen het lijf en dat gaf Elias een reactie in. 

Beste Wim, 

Ik heb jullie stuk nu volledig gelezen. Ik ben het eens met jullie keuze voor arbeid als hoofdthema. En inderdaad: niet voor niets heet jullie club zo. Maar wat ik werkelijk zeer node mis, is wat in je boek (dat ik inmiddels ook van kaft tot kaft las; goed geschreven en boeiend voor de liefhebber) wél stevig tot uitdrukking komt: dat het gepamper en het etatisme juist rondom de factor arbeid in ons land zo onheus is opgeklopt. Jouw rede van 1981 was in feite één grote schreeuw om aandacht voor het gegeven dat de verzorgingsstaat mensen behoort te activeren die tussen wal en schip dreigen te vallen, niet om hen afhankelijk op de bank te zetten. Ik ben dat, als overtuigd liberaal, zeer met je eens, juist omdat je dan mentaal maatschappelijk draagvlak voor uitkeringen behoudt én ze blijven betaalbaar, dus beter te verdedigen. Zodat wie écht in de problemen zit werkelijk van staatswege geholpen kan worden. Zij het wel ten minste 10 % onder het minimumloon (dat desnoods omhoog moet), om de prikkel erin te houden om toch werk te blijven zoeken. 

Want dat je met uitkeringen en toeslagen stukken beter af kunt zijn, dan iemand die netjes werkt, is een grote schande, waar juist een partij die arbeid (weer) centraal stelt, hardop het debat over zou moeten willen aanvoeren. Maar ik zie het de PvdA niet doen, vroeger niet en nu niet. Je zag het scherp in 1981, maar er is niets mee gebeurd. Omineus vond ik het dat na Rutte I onder Rutte II de nou net in 2010 ingevoerde WAO-herkeuringen voor 45- tot 50-jarigen in 2012 onder druk van de PvdA weer werden afgeschaft. Onder het mom dat dit sociaal zou zijn. Terwijl het dat nou juist níet is: je schrijft een hele groep in één keer af.  

Tegen deze vorm van quasi-linkse gemakzucht had jullie stuk meer stelling kunnen nemen – zeker in het licht van het feit dat je nota bene zo ongeveer de eerste was om tegen deze on-Dreesiaanse en er bij de PvdA op enig moment ondoordacht ingeslopen gewoonte te waarschuwen. Verder vind ik het onjuist hoe je ondernemers ervan beticht louter op flexibiliteit in de arbeidsverhoudingen uit te zijn. Dat was een jaar of tien geleden zo, heb ik het gevoel. Maar anno 2017, enigszins analoog aan hun omarming van duurzaam produceren (‘dat moet toch een keer, dus laten we die drol nou maar doorslikken en geef ons heldere normen waar we vijftien jaar lang mee uit de voeten kunnen’) is volgens mij het werkgeversadagium ter zake inmiddels: ‘Wanneer ik – te toetsen door de rechter – iemand kan ontslaan om redenen van aantoonbaar disfunctioneren of aantoonbaar noodzakelijk reorganiseren, zonder waanzinnige vergoedingen of anomalieën als twaalf jaar ziektedoorbetaling na drie maan den dienstverband, dan ben ik best bereid mensen weer een normale baan aan te bieden.’ 

Ik ben er oprecht van overtuigd dat ook vanuit een verstandige PvdA-optiek het taboe zou moeten worden geslecht dat werkgevers over de hele linie niet deugen. Zelfs de SP heeft redelijk succesvol met het MKB als banenmotor geflirt. Het zou in lijn zijn met je pleidooi om weer een sterker accent op arbeid te leggen. Het verdedigen van rechten van werklozen is één ding, het aantoonbaar creëren van nieuwe banen en dus werkgelegenheid is een ander ding – en dat laatste is voor de bulk van weggelopen PvdA-stemmers toch echt nog steeds van groot belang. Ten slotte mis ik aandacht voor de doorgeslagen interne cultuur van je club. Je hebt het wel over die cultuur, maar benoemt het probleem, althans zoals ik het als aanwezige op vele partijbijeenkomsten waarnam, onvoldoende specifiek.  

Zozeer er bij de VVD te weinig echte inspraak bij de leden ligt, zozeer is dat bij jullie naar een te grote mate van zeggenschap doorgeslagen. Ik hoef slechts de naam Sander Terphuis te noemen en je begrijpt wel wat ik bedoel. In een dubbelinterview uit maart jl. met Roos Vermeij in de Volkskrant zei ik er ook iets over: potentiële PvdA-kiezers zitten totaal niet te wachten op de genderneutrale toiletten die het ons-kent-ons-partijkader bij actuele motie via de Tweede Kamerfractie (die weer te braaf naar deze politieke hobbyisten luistert) af weet te dwingen.

Een belangrijke reden waarom veel mensen niet op de PvdA stemden is dat ze – juist door dit soort door de media nog uitvergrote nonsens-dingen –  vinden: die PvdA is een beetje van lotje getikt geworden. De mensen die er in jullie club toe doen kijken met een mengeling van ergernis en vertedering naar die stoet van linnen tasjes achter de inspraakmicrofoon, maar beseffen onvoldoende dat dát het beeld van de club is dat bij de doorsnee-Nederlander beklijft.  

Uiteraard is een deel van de verklaring voor jullie beroerde verkiezingsuitslag het feit dat vroegere PvdA-stemmers vonden dat jullie aan de leiband van de VVD zouden hebben gelopen. Maar althans een deel van de verklaring dáárvoor zie ik, onderliggend, als partijcultureel bepaald. Als je aan de ene kant iedere overwinning vanzelfsprekend vindt, omdat het nou eenmaal linkse politiek is (bijvoorbeeld het alsnog niet strafbaar stellen van illegaliteit, waar veel VVD-ers echt zwaar aan tilden dat het wel gebeuren zou) en die gewonnen punten niet luid uitvent, terwijl anderzijds partijtijgers en beroepsvergaderaars bij ieder punt dat je verliest moord en brand schreeuwen dat de PvdA bezig is VVD-beleid uit te voeren en daar veel media-aandacht voor krijgen, ja, dan gaat een deel van het electoraat ook echt denken dat dit de waarheid is. 

Ik vind, het slagveld overziende: Asscher zou alle analyses van de afgelopen 25 jaar bij elkaar moeten vegen en een twintigpuntenplan moeten maken, voor Kerst, mede ingegeven door jullie S&D-verhaal. En moeten zeggen: ‘Zó gaan we het de volgende tien jaar doen en anders zoekt u maar een ander. De tijd van inventariseren en navelstaren is voorbij.’ Zowel intern als extern zou er volgens mij een zucht van verlichting klinken. Een beetje zoals na Lubbers in 1982: en nou eindelijk niet meer ouwehoeren, maar aanpakken. Nou ja, ik heb er in ieder geval weer eens even over nagedacht. En ik kan het altijd nog als ingezonden reactie aan S&D sturen op jullie stuk!

Met hartelijke groet,

Ton Elias

Auteur(s)

Steun de Wiardi Beckman Stichting

Veel van onze onderzoeksprojecten en publieke bijeenkomsten zijn mogelijk gemaakt door giften van donateurs. Ook S&D zouden wij niet kunnen maken zonder donaties.

Het tijdschrift S&D verschijnt zes keer per jaar en wordt uitgegeven door Van Gennep. Een los nummer kost € 17,50, en jaarabonnementen (vol tarief) € 84,50 (te bestellen via: info@vangennep-boeken.nl).

Sinds 1939

S&D bestaat sinds 1939 en is het tijdschrift van de Wiardi Beckman Stichting. Voluit luidt de titel Socialisme & Democratie. Oude nummers kunt u downloaden vanaf de website van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP). Voor een overzicht van auteurs per nummer, raadpleegt u het register van S&D (1939-2018)

Redactie

Redactieleden: Paul de Beer, Nik de Boer, Meike Bokhorst, Klara Boonstra, Menno Hurenkamp, Ruud Koole, Marijke Linthorst, Annemarieke Nierop [hoofdredactie], Wiljan Linders [eindredactie] en Reinier Tromp

Redactieraadleden: Maurits Barendrecht, Marc Chavannes [voorzitter], Liesbeth Noordegraaf, Paul Tang

Redactieadres: Wiardi Beckman Stichting
Emmapark 12, 2595 ET Den Haag
Telefoon [070] 262 97 20
send@wbs.nl

Uitgever: Uitgeverij Van Gennep
Nieuwpoortkade 2a
1055 RX Amsterdam
info@vangennep-boeken.nl