Debat: Met het gezicht naar de wereld
Op deze plek voeren we de komende periode het debat over de contouren van een nieuw sociaaldemocratisch buitenlandbeleid. Een voorlopige samenvatting van de belangrijkste standpunten medio januari zijn te vinden in het overzichtsartikel.
Open en zelfbewust buitenlandbeleid gedragen door volwassen idealisme
De sociaal-democratie heeft een naam hoog te houden waar het gaat om lotsverbondenheid over de grenzen heen en inzet voor een rechtvaardige en duurzame wereldorde. Maar er is wel veel veranderd in de afgelopen dertig jaar. We kunnen dingen bereiken, maar veel minder dan we dachten. Democratie werd meer gevierd dan begrepen, en armoede liet zich niet zo makkelijk bestrijden met hulpprojecten. Armen bleken niet heilig en corruptie was onlosmakelijk verbonden met vicieuze cirkels van armoede en geweld. Zonder al teveel begrip van de aard van de Afrikaanse staat werd ingezet op deze staat als dienstverlener (Parijs-Verklaring, Accra-Agenda).
Dit bleek een doodlopend spoor. Evelyne Herfkens hoopte nog dat er arme-maar-goedbestuurde landen bestonden. Die hoop bleek ijdel. Slecht bestuur is onderdeel van het armoedeprobleem. Internationale solidariteit werd een interessante hobby van de wereldlijke elite, waar minder kosmopolitische mensen steeds meer vraagtekens bij zijn gaan plaatsen. Die zijn toen zelfhulpprojecten begonnen, omdat ze wel iets wilden doen aan onrecht en armoede, maar niet meer geloofden in ontwikkelingsorganisaties met grote overhead.
Europa denderde door. Eigenlijk kon het volk toch geen ´Nee´ meer zeggen tegen de Turken. Toetreding was toch al toegezegd, aldus Ben Bot. Nederland keerde zich tegen een zogenaamd voldongen feit en keerde zich naar binnen. De Europese grondwet werd in 2005 verworpen.
Tegelijkertijd is de wereld steeds interdependenter geworden. Ook al keren we ons af van de wereld, de wereld komt naar ons toe. We kunnen geen slotgracht meer graven. Steeds meer problemen kunnen alleen op Europees of internationaal niveau worden opgelost. Wereldwijde problemen bedreigen ons allemaal, de armen in fragiele staten het meest. Dat betekent dat ons verlichte eigenbelang steeds meer in het verlengde komt te liggen van inzet voor stabiliteit en duurzame ontwikkeling elders. Daar staat weer tegenover dat de VN langzaam zijn verworden tot vastgelopen, ineffectieve en stoffige organisaties, losgezongen van de werkelijkheid, maar met veel duurbetaalde krachten.
In Nederland wordt buitenlandbeleid steeds meer binnenlands beleid en vice versa. Daardoor zijn de oude institutionele structuren van het ministerie van Buitenlandse Zaken steeds meer in het Haagse luchtledige komen te hangen. Vakdepartementen hebben al lang directies internationaal, en veel vakambtenaren spelen - steeds meer los van BZ - op drie borden: het Nederlandse, het Europese en het internationale. Daar bovenop spelen bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties toenemend een rol in interacties over de grenzen heen. Kennis over OS-onderwerpen is steeds minder een apart kennisdomein. Het wordt geïntegreerd binnen bredere algemene kennisdomeinen.
We staan dus voor een zware drieledige opgave: Waarom, Hoe en Wat? (zie Simon Sinek: The Golden Circle, TED Talk ). De vraag: ´Waarom zouden we ons bezighouden met ver weg?´ moet opnieuw geladen en gesteund worden. Aansluitend: Hoe doen we dat? en: Wat doen we dan? We staan voor de opgave mensen te winnen voor datgene waar wij als PvdA in geloven.
De resolutie maakt goed duidelijk dat een deel van het antwoord op ´Waarom?’ zit in het breidelen van het kapitalisme: de staat is niet geïnternationaliseerd, het losgeslagen kapitalisme wel. Dat behoeft tegenmacht, controle, regulering. Maar de resolutie maakt onvoldoende duidelijk dat de aanpak van wereldwijde problemen - de inzet voor de global public goods, alleen kan door het bouwen van coalities rondom deze problemen. De oude internationale institutionele structuren voldoen al lang niet meer om deze problemen aan te pakken.
Het enige dat werkt zijn Global Action Networks, coalities met onverwachte, nieuwe, niet-traditionele én traditionele bondgenoten rondom een wereldwijd probleem. Daarbij gaat het gaat allang niet meer om de stellingname voor of tegen het bedrijfsleven. Het gaat om het transformeren van het bedrijfsleven tot maatschappelijk verantwoorde ondernemingen. No planet, no profits.
Ontwikkelingssamenwerking is al lang geen aparte paragraaf meer zoals nu in de resolutie. Dat is een achterhaalde indeling. Het gaat om inzet voor global public goods én om interventies in een beperkt aantal landen om daar vicieuze cirkels van armoede en geweld te doorbreken. Daarbij moet gebruik worden gemaakt van goede diagnostiek en nieuwe instrumenten die meer werken volgens marktprincipes (dat is iets heel anders dan het bedrijfsleven gesubsidieerd zijn gang laten gaan) zoals output based aid, en performance based financing. Alleen een professionele organisatie met zowel thematische als context-specifieke kennis is in staat om dit uit te voeren (bijvoorbeeld NL Aid).
De generalistische diplomatieke dienst zal nooit in staat zijn om in dit opzicht een professionele uitvoeringsorganisatie te worden. Zie de grote omslag die in het VK heeft plaats gevonden: de Overseas Development Administration werd in 1997 het wereldberoemde Department for Internationale Development. Daar kan Nederland niet aan tippen, terwijl we niet eens zoveel minder geld uitgeven. Door de manier waarop de OS-sector in Nederland is georganiseerd, om te beginnen met het ministerie, hebben we disproportioneel minder intellectuele slagkracht en minder professionele uitvoeringscapaciteit dan de Britten.
Onze bijdragen aan stabiliteit, duurzame ontwikkeling en global governance moeten verankerd zijn in Nederland; ze moeten zijn geënt op waar we goed in zijn. Het gaat om het bouwen van brede coalities en partnerschappen rondom een beperkt aantal thema´s. Dat vereist lange termijn investeringen in netwerken, kennis en reputatie.
Om draagvlak voor OS te houden, moeten we datgene doen waar Nederland goed in is. Dat versterkt ook ons internationale profiel. Dat is hard nodig na de schade die de regering Rutte heeft aangericht. Nederland was internationaal een koploper, maar die positie zijn we door rücksichtslos gedrag kwijtgeraakt. Hier ligt dus een opdracht voor de PvdA: we moeten laten zien dat er ook een andere visie is op de rol van Nederland in de wereld.
Daarvoor moeten we als sociaal-democraten keuzes durven maken. Consistent en coherent een nieuwe lijn uitzetten. Een ander buitenlandbeleid is mogelijk. Gedragen door volwassen idealisme.
Zie ook: Jeroen de Lange: ´Volwassen idealisme en de internationale traditie van de PvdA: om de wereldwijde zekerheid van het bestaan´, S&D Juli 2001.
- login of registreer om te reageren
Lees alle reacties van deze auteur
