Debat: Met het gezicht naar de wereld
Op deze plek voeren we de komende periode het debat over de contouren van een nieuw sociaaldemocratisch buitenlandbeleid. Een voorlopige samenvatting van de belangrijkste standpunten medio januari zijn te vinden in het overzichtsartikel.
Kanttekeningen bij de conceptresolutie
In de eerste twee paragrafen van de conceptresolutie wordt een analyse gemaakt van het kapitalisme die niet geheel juist lijkt. Ook de voorgestelde oplossingen zijn niet realistisch. In de resolutie ontstaat een beeld, alsof het zo zou zijn dat het kapitalisme in de afgelopen decennia ingebed was geraakt in de nationale verzorgingsstaten, en min of meer onder controle was gebracht. Door het opkomende neoliberalisme, privatisering, deregulering en technologische vernieuwing zou dan het systeem uiteindelijk uit zijn voegen zijn gebarsten, zodat nu een hernieuwde beteugeling op zijn plaats zou zijn. Vrij vertaald: nadat in de jaren van paars het afschudden van ideologische veren door Wim Kok en het omarmen van een “derde weg” door Wouter Bos de boventoon waren gaan voeren, zijn we door de huidige crisis ineens wakker geworden en moeten we het kapitalisme opeens weer gaan beteugelen, waarbij vooral de banken het moeten ontgelden.
Dat een van de fundamentele problemen van het kapitalisme het optreden van periodieke crises is, was al langer bekend, het staat in menig economieboekje en was in elk geval al in de jaren 60 en 70 onderwerp van uitvoerige discussie. Toen betekende “derde weg” nog zoiets als ontspanningspolitiek tussen Navo en Warschaupakt en oriëntatie op niet aan de supermachten gebonden landen. Er zijn de afgelopen decennia al diverse malen crises in de economie geweest, denk aan de enorme werkeloosheid in de jaren 80, de internetzeepbel, de Azië-crisis enzovoorts. Toch overheerste steeds het vrije-markt-denken en werd er ook openlijk beweerd, dat een echte economische crisis niet meer mogelijk zou zijn. Dat het kapitalisme in combinatie met technologische vernieuwing ook voor grote economische groei kan zorgen mag ook bekend verondersteld worden. Dat een van staatswege via terreur opgelegde planeconomie uiteindelijk ten onder gaat aan zijn eigen falen is vanaf het eind van de jaren 80 ook definitief duidelijk geworden na het instorten van het Warschaupakt en het einde van de Communistische Internationale.
Het kapitalisme is nooit weg geweest, maar sinds de negentiende eeuw hebben we wel een enorme ontwikkeling doorgemaakt waarbij de rol van de natiestaten sterk veranderd is, maar ook de rol van arbeidersorganisaties, democratisering van de cultuur en globalisering. Deze ontwikkelingen goed in kaart brengen is niet eenvoudig, laat staan de positie te bepalen die we moeten innemen. Maar ook de voorgestelde oplossingen in dit rapport zijn niet realistisch. Het basisprincipe van de werking van een bank is geld aantrekken van spaarders en geld uitlenen in zaken. Er zijn altijd risico’s aan geld lenen. De voorgestelde splitsing tussen zakenbanken en depositobanken is economisch onmogelijk. De financiële sector is onderling sterk verweven. Andere maatregelen zijn daarom nodig.
Nederland moet zich met zijn relatief sterke financiële sector houden aan de Basel III-akkoorden. Het idee om in Nederland zelfstandig een kapitaaleis van 15% te stellen aan banken is uit concurrentieoverwegingen onmogelijk. Het verbieden of ontmoedigen van financiële producten met hoog risico is ook al niet reëel. We kunnen wel het toezicht verbeteren, eisen verscherpen of reclame en werving aan banden leggen.
Om de valutacrisis binnen de Eurozone een halt toe te roepen zijn onomkeerbare en indringende maatregelen nodig:
•overdracht van nationale bevoegdheden op het gebied van bankentoezicht;
•preventief begrotingsbeleid;
•instelling van een Europese “lender of last resort”;
•adequaat budget voor banken en landen binnen Eurozone van EU;
•naleving van stabiliteits- en groeipact afgedwongen door automatische begrotingsdiscipline;
•tegengaan van zwart werk , belastingontduiking en corruptie;
•het bevorderen van coöperatieve, niet beurs genoteerde financiële instellingen zou overwogen kunnen worden.
Ook in het onderdeel democratie slaat de commissie Schrijver de plank goed mis, als ze in de laatste alinea van §3. 4 "Mensenrechten en democratie" meent te kunnen beweren: "Er bestaan democratisch tot stand gekomen eenpartijstaten." En in §3. 3 "Vrede en veiligheid" wordt gesteld dat "[d]e Palestijnse groepen Hamas en Fatah [zich] dienen te verzoenen. Zonder eensgezindheid is vrede in de regio onmogelijk."
Afgezien van de vraag wat we van de politiek van deze groeperingen vinden, is het conflict tussen Hamas en Fatah een gegeven. De verdrijving van Fatah uit de Gaza-strook door Hamas is een feit, evenals de verregaande controle van Fatah over Hamas op de West Bank. Beide partijen moeten zich houden aan universele democratische waarden, mensenrechten en een rechtstaat. Maar om te eisen dat deze groeperingen zich moeten verzoenen is niet reëel en ook buiten onze invloed, dit wordt bepaald door de Palestijnen zelf.
Tenslotte zouden in de paragraaf §3. 7 "Energie, klimaat en duurzaamheid" wel wat meer concrete punten genoemd kunnen worden, bijvoorbeeld dat kernenergie (kernsplijting) uitgefaseerd dient te worden. Kernenergie is onveilig, er is geen oplossing voor het zwaar giftige afval dat tienduizenden jaren actief blijft en over enkele decennia is de grondstof Uranium op. Daarnaast is er het proliferatie-risico.
In de plaats daarvan moeten wij op volle kracht inzetten op hernieuwbare energie en zo mogelijk moeten wij dat streven in Europees verband gestalte te geven. De energiemarkt is en wordt steeds meer een Europese en niet meer een Nederlandse markt. Een belangrijke rol is weggelegd voor microgeneratie in combinatie met een smart grid. Maar met de eveneens gewenste elektrificering van het autoverkeer blijft ook een grootschalige energieopwekking een vereiste. Daarom moet onderzoek naar de grootschalige energieopwekking dor middel van kernfusie zowel Europees als internationaal (ITER-project) sterk bevorderd worden. Kernfusie is veilig, levert zeer geringe hoeveelheden laag en korttijdig radioactief afval, grondstoffen zijn zeer ruim voorradig en er is geen risico op proliferatie.
Naast de economische crisis zitten we ook in een ecologische crisis. De ecologische crisis dreigt onderbelicht te raken door de problemen in de reële economie. Maar juist de ecologische crisis kan door privaat/publieke samenwerking een enorme uitdaging worden en een uitweg naar voren bieden voor “een new green deal”
- login of registreer om te reageren
