Reddingspoging voor de euro en voor onze banken: een tussenstand

De regeringsleiders van de 17 landen die met elkaar een muntunie hebben, zouden een dreigende wanbetaling van Griekenland definitief moeten afwenden. Dat gaat niet lukken.

Zoals voorspeld, verkeert Griekenland in een recessie die steeds dieper wordt. De maatregelen die het door Europa en het IMF opgelegd heeft gekregen, verhelpen dat niet. Integendeel. De kans dat Griekenland erin kan slagen binnen een afzienbare tijd een financieringsoverschot te kweken waardoor het kan denken aan de afbouw van zijn schulden, is nagenoeg nul. Een forse afboeking van de Griekse overheidsschuld is onafwendbaar. Iedereen weet dat al geruime tijd. Mocht het daarvan komen, dan is Griekenland voor een groot deel van zijn financieringsproblematiek verlost. Het ligt in de rede dat verdere steunleningen dan niet meer aan de orde kunnen zijn. De Grieken zullen het zelf verder moeten zien te rooien. Ze hoeven de Eurozone niet te verlaten, maar zijn daar uiteraard geheel vrij in.

Dit zou in het Kamerdebat van afgelopen zaterdag de hoofdschotel van het menu moeten zijn geweest. Maar onbegrijpelijk was daar geen sprake van. Het excuus was dat er nog onderhandeld werd, zodat een principiële discussie niet opportuun kon zijn. Vreemd als je leest wat op hetzelfde moment maar dan wel elders openlijk door ministers wordt gezegd.

Openlijk spreken ministers over een afwaardering van de Griekse overheidsschuld met 50 à 60%. Dat deden ze zaterdag al. De Jager voorop, nog voordat de voorzitter van de Kamer de vergadering sloot. Met deze stellingname is het akkoord van 21 juli j.l nog voordat het wordt uitgevoerd, van de baan. Zo’n afboeking raakt niet alleen vorderingen van privé financiële instellingen, maar ook de aanzienlijke vorderingen van het Euronoodfonds en de ECB. Ik kan mij niets anders voorstellen.

Ministers zijn er vermoedelijk van doordrongen dat een zogenaamde vrijwillige afboeking op basis van een politieke consensus binnen de muntunie, zoals in het akkoord van 21 juli, geen begaanbare weg meer is. Die aanpak impliceert immers dat de regeringen van de muntunie bij financieringsproblemen kunnen besluiten de oplossing in belangrijke mate neer te leggen bij financiële instellingen, die ooit meenden vorderingen te hebben op betrouwbare overheden. Daarmee is de geloofwaardigheid van de overheden die tezamen de muntunie hebben, dubieus geworden. Dit leidt tot een verhoogde risico-opslag bij de rentekosten op leningen, die zij in de kapitaalmarkt willen plaatsen. In het ernstigste geval kunnen nieuwe leningen niet meer of met grote moeite worden geplaatst. Dat bleek direct bij Spanje en Italië, terwijl er wantrouwig naar Frankrijk wordt gekeken.

De Duitse banken stellen dan ook dat Griekenland eerst officiële betalingsonmacht moet tonen en dat bij de schuldenregeling die daarop volgt de Griekse regering én de overige leden van de muntunie een deel garanderen dat past bij de financiële mogelijkheden na de regeling. Mochten er banken zijn die desondanks in solvabiliteitsproblemen komen, dan dienen de leden van de muntunie net als tijdens de kredietcrisis zorg te dragen voor een vangnet. Dit is voorwaardelijke herkapitalisatie.

Als de leden van de muntunie mochten vinden dat daarbovenop de in Basel III geaccordeerde verhoging van het eigen vermogen, versneld moet worden ingevoerd, dan zal dat stuiten op verzet in bancaire kring. Daar worden allerlei redenen voor aangevoerd, variërend van schade voor de bestaande aandeelhouders en aantasting van de beurswaarde (verwatering) tot aantasting van de winstgevendheid en het vermogen ondernemingen en huishoudens van krediet te voorzien. De ministers die dagen achtereen in maratonzittingen bijeen zijn, moeten een oplossing vinden voor dit complex. Wat vindt de Tweede Kamer? Dat weten we dus niet, want daar mocht niet over gesproken worden van Mark Rutte.

Gelijktijdig moeten regeringen een paar leden van de muntunie financiële ruggesteun bieden opdat ze door een te lage kredietwaardigheid niet in een negatieve schuldenspiraal terecht komen. Dit kan om een aantal redenen zomaar gebeuren. De economische groei kan zozeer tegenvallen (internationale conjunctuur zit tegen met wellicht ook nog een structureel zwakke concurrentiepositie) en de overheidsschuld (dus de dienst op schuld) is hoog zodat iedere ruimte bij regeringen komt te vervallen om überhaupt aan schuldreductie te denken. Bovendien kan blijken dat de sanering van de overheidsfinanciën sowieso maatschappelijk en politiek moeilijk valt te realiseren. Financiële instellingen worden in zo’n situatie zeer terughoudend. Gezien de ervaringen met de Griekse kwestie moeten deze instellingen de overtuiging hebben dat de leden van de muntunie de ruggesteun op een geloofwaardige wijze bieden.

Tel je dit bij elkaar op dan praat je over een noodfonds dat met effectief 440 mld Euro geen vuist kan maken. Getallen variërend van 1 tot 3 biljoen euro doen de ronde. Daar wordt eveneens openlijk over gesproken. De meningsverschillen gaan over de vraag hoe je aan dat bedrag kan komen. Ook hier heeft de Tweede Kamer in spoed bijeen geen helderheid verschaft, angstig als Kamerleden zijn om zich te branden aan het noemen van welk bedrag dan ook. Toch hebben wij ze gekozen om over dit soort belangrijke vraagstukken helderheid te verschaffen.

Allerlei voorstellen doen nu de ronde om van de 440 mld een paar biljoen te maken. Het meest gevaarlijke voorstel komt van Sarkozy om de ECB-geldpers in te schakelen. De woordvoerder van de PvdA vindt dat ook een goed idee, maar hij durfde dat wel in de Volkskrant maar niet in de Tweede Kamer te zeggen. Waarom niet? Hij zou zijn afgebrand door allen die terecht van mening zijn dat de monetaire autoriteit als ultieme remedie de geldpers heeft om deflatoire spanningen op te heffen, maar niet om financieringstekorten en schulden van overheden te financieren. Daarmee zou de centrale bank behalve monetaire ook nog eens budgetaire autoriteit zijn, waarbij hij uit monetaire overwegingen bepaalt of geldschepping of inkrimping direct via de overheidsbegroting moet lopen of omgekeerd dat de ECB het slaafje wordt van de politiek en niet meer aan monetair beleid toekomt. Gelukkig ligt Duitsland dwars.

Maar waar staat Nederland? De Tweede Kamer had een piketpaaltje kunnen slaan. Dat gebeurde niet! In de komende dagen moet ook dit heikele punt tot een oplossing worden gebracht. Je hoort hierover van alles en nog wat. 1.Haal het voorstel om het noodfonds te laten opvolgen door een Stabilisatie mechanisme in 2013 naar voren en voeg de daarvoor beschikbare middelen bij de 440 mld. 2.Geef een garantie op leningen van leden, die dat nodig hebben. Je kunt daardoor een veelvoud van 440 mld aan leningen uitlokken. 3.Breng de opgekochte dubieuze vorderingen en de leningen die het steunfonds zelf verstrekt onder in een zogenaamd special purpose vehicle (SPV). Die geeft obligaties uit met een referentie aan de hoofdsommen en renten van de leningenportefeuille en haalt zo geld op dat weer kan worden gebruikt om de zwakke landen te financieren. Zo kun je bijvoorbeeld Chinees geld aantrekken om de muntunie uit de sores te helpen. De vraag is of de Chinezen geloof kunnen hechten aan de soliditeit van de SPV. Daar zullen de overheden toch wat aan moeten doen en dat is niet gratis. En wie weet wat er meer uit nood wordt geboren. We houden U de komende dagen op de hoogte!

Reageren kan door een mail te sturen naar forum@wbs.nl. De reacties zullen op deze pagina geplaatst worden.

Het kwijt schelden van de Griekse schulden is een beloning op crimineel gedrag, o.a. het voor liegen van de Europese centrale bank en de Europese raad.

Het kan veel eenvoudiger, veel doeltreffender en veel goedkoper!

alle bestaande leningen worden verkocht aan de Europese centrale bank, ECB, tegen bijvoorbeeld 50 % en dat aanbod moet eenmalig zijn: take it or leave it.

De centrale bank kan dan op lange termijn proberen deze leningen volledig terug betaald te krijgen en kan door middel van het rente instrument, deze schulden beheren zodat het voor Griekenland betaalbaar blijft.

Alleen op deze manier is het te voorkomen dat andere landen kiezen voor de zelfde aanpak als Griekenland om zo makkelijk van hun schulden af te komen.